Hoe werkt een voeding nou precies - deel 1

Door mux op zondag 30 januari 2011 13:07 - Reacties (12)
Categorie: Hoe werkt een voeding precies?, Views: 32.328

In deze serie over voedingen en power quality:
Deel 1 (Power factor) - Deel 2 (Voedingen, Deel 1) (je bent hier) - Deel 3 (Voedingen, Deel 2)


Dit blog is de tweede monsterblogpost met een onderwerp gerelateerd aan voedingen, efficiëntie en power quality. Voedingen in de breedste zin van het woord: adapters, ATX-voedingen, maar ook bijvoorbeeld je telefoonlader. Als er maar netspanning ingaat en gelijkspanning uitkomt. Over deze onderwerpen bestaat veel, heel veel onduidelijkheid en onbegrip. Al deze onderwerpen zijn verder ook veel breder toepasbaar dan alleen op het gebied van zuinigheid; überhaupt het kiezen van de juiste voeding en de waarheid achter de marketing van 80 plus gold voedingen e.d. zullen hier in hun volledigheid worden besproken. Als je dit hebt gelezen (en begrepen) zul je veel beter kunnen inschatten wanneer een voeding nou wel of niet kwalitatief goed en efficiënt is. Ik zal diep en soms hard in de materie gaan (that's what he said). Veel informatie hier zul je niet zo georganiseerd terugvinden op het wijde web. Maar voordat we kunnen beginnen met hoe een voeding intern werkt, is het nuttig om even stil te staan bij wat geschiedenis.
Schakelende en lineaire voedingen
Allereerst moet ik duidelijk maken waar we nu precies mee te maken hebben. Ik ga het uitsluitend hebben over schakelende voedingen. Een schakelende voeding in de breedste zin is een voeding waarin doormiddel van een (equivalent van een) schakelaar en niet doormiddel van een (equivalent van een) variabele weerstand een spanning wordt omgevormd. Dat is een heel brede definitie, en ook vrij nietszeggend. Immers, zolang er maar een schakelaar in zit en hiervan de functie is om door het schakelen een uitgangsspanning te genereren vanuit de ingangsspanning, heb je een schakelende voeding. Daarom ga ik de definitie wat krapper maken. Een schakelende voeding in 'de volksmond' betekent een voeding die:
- Wisselstroom (AC) accepteert
- Deze gelijkricht en stabiliseert
- Door middel van een schakelaar en transformator deze ingangsspanning omvormt tot een AC uitgangsspanning
- Deze AC-spanning wederom gelijkricht en stabiliseert
- De uitgangsspanning op een constante waarde houdt
- Galvanische isolatie tussen ingang en uitgang behoudt

Dit omvat nagenoeg alle adapters en voedingen die je zult tegenkomen. Er is nog één grote andere groep, die echter druk bezig is uit te sterven: de eenvoudige transformator. In zijn simpelste vorm is dit enkel en alleen een transformator. Eén wikkeling hangt aan de netspanning, de andere is de uitgang. De uitgangsspanning en ingangsspanning verhouden zich als de wikkelverhouding: als er aan de primaire kant (de ingangs, het lichtnet) 2 wikkelingen zitten en aan de secundaire kant (de uitgang) 1 wikkeling, dan zal de uitgangsspanning 2 keer zo laag zijn als de ingangsspanning. Omdat elektronica en allerlei andere zaken waarvoor je zoiets zou willen gebruiken liever DC dan AC willen, zit er meestal na de transformator nog een gelijkrichter. Omdat gelijkgerichte AC niet bepaald een constante spanning is, zitten er vervolgens ook meestal nog wat condensatoren die de spanning afvlakken. That's it.

Als het zo kinderlijk eenvoudig is om een transformatorvoeding te maken, waarom wil je dan een schakelende voeding?

Transformatorvoedingen zijn ongereguleerd, dat wil zeggen: de uitgangsspanning is niet constant. Naarmate er meer stroom aan de secundaire kant wordt getrokken zakt de secundaire spanning in. Dat heeft meerdere oorzaken; er zijn magnetische redenen (o.a. lekinductie, ga ik verder niet op in), en twee belangrijke andere redenen. De eerste is weerstand van de wikkeling; de wikkeling heeft een bepaalde weerstand R, en aan de uitgang wordt een bepaalde stroom I getrokken. De wet van Ohm zegt U=I*R dus er zal een spanning van precies die U wegvallen. Meer stroom = meer spanningsval. De tweede reden is iets obscuurder maar niet al te moeilijk voor te stellen: aan de uitgang van de transformator heb je een wisselspanning die dus de hele tijd wiebelt tussen +uitgangsspanning en -uitgangsspanning. Wanneer je die gelijkricht krijg je een spanning die wiebelt tussen 0 en uitgangsspanning. Die condensatoren vlakken dat af doordat je ze oplaadt, en wanneer er helemaal geen belasting aan de uitgang is zullen op een gegeven moment die condensatoren tot de maximale uitgangsspanning vol zitten. Echter, wanneer je stroom uit de uitgang trekt lopen de condensatoren langzaam leeg. In een bepaald deel van de cyclus zal de spanning bij de transformator hoog genoeg zijn dat hij de condensatoren kan bijladen, maar verderop in de cyclus is de uitgang van de transformator nul en zal de condensator dus in zijn eentje stroom aan de uitgang moeten leveren. Gemiddeld zakt daardoor de spanning in. Beeld je dit goed in, want verderop in het deel over uitgangsfilters is dit concept erg belangrijk.

Overigens zijn er ook transformatorvoedingen met een gestabiliseerde uitgangsspanning. Hier zit dan een lineaire regulator (zie eerdere blogposts over core i3-systeem) achter de gestabiliseerde uitgangsspanning die op een erg inefficiënte manier de uitgangsspanning stabiliseren.

Transformatorvoedingen zijn inefficiënt. Voor relatief lage vermogens (150W en minder) en toepassingen bij 50/60Hz geven transformatorvoedingen veel verlies. De redenen hiervoor zijn vooral magnetisch en om die reden ga ik er niet verder op in.

Transformatorvoedingen zijn lomp. Je hebt veel magnetisch materiaal en koper nodig om een transformator van enig formaat te maken. Zelfs voor een kleine acculader die ik heb liggen - 5V bij 100mA - is blijkbaar bijna 100 gram aan materiaal nodig! Vergelijk dit met een modernere geschakelde versie van 18 gram en je ziet wat de vooruitgang is.

Transformatorvoedingen zijn duur. Koper is duur en transformatoren zijn redelijk duur om te maken. Doordat ze zwaar zijn is transport, behuizing, verpakking en recycling ook duurder. Doordat ze doorgaans inefficiënt zijn moeten ze thermisch ook goed in elkaar zitten, wat extra kosten (heatsinking, aanpassingen aan behuizingen) met zich meebrengt. Doordat ze op een lage frequentie werken moeten er relatief grote in- en uitgangsfilters in worden gezet, die ook duur zijn (dit komt later uitgebreider terug).
Huishoudelijke mededelingen
Even op adem komen na dit technische beginnetje, hoor. We gaan het over keurmerken en dat soort shit hebben. Op een voeding staan allerlei logootjes en veruit de meeste mensen zullen hier gewoon overheen kijken. Maar er zijn toch een paar dingen hier die interessant zijn. En een paar dingen die gewoon leuk zijn om uit te leggen, ondanks dat je ze gemakkelijk zult terugvinden op teh internets.

Seasonic SS-330 specificatie
Specificatie van Seasonic SS-330HB voeding. Bron: Hardware Logic [2]

Wat hebben we hier? Het is zo'n mooie sticker op een voeding, en hier zien we een paar dingen op terug waar ik op in wil gaan. Pak ook eens je eigen voeding erbij, dan kun je kijken of ik gelijk heb.

Ratings. Hiermee bedoel ik dat tabelletje waarop staat hoeveel stroom je op elke spanningslijn kunt trekken. 8A op 12V1, 14A op 12V2, etc. In elke moderne computer - en daarmee bedoel ik op zijn minst alles sinds de Pentium 4/Athlon XP-generatie - is werkelijk het enige waar je je op hoeft te richten de 12V lijn(en). Alle onderdelen van je computer die een significante hoeveelheid stroom trekken, de CPU, harddisks (spinup) en videokaart, lopen tegenwoordig op 12V. Rating-tabel Seasonic SS-330
Je zult dit ook vaak genoeg op GoT en andere fora terug vinden wanneer je vraagt hoeveel wattjes je systeem nodig heeft; steevast wordt verwezen naar de 12V lijnen.
Uitzondering: Gele picoPSU's in combinatie met veel harde schijven. Een harde schijf trekt behoorlijk wat piekstroom bij het opstarten; zowel op 12V-lijn als op de 5V-lijn. Hier is de rating van je 5V-lijn erg belangrijk. Gebruik hier als vuistregel 1A per harddisk. De picoPSU-90 is bijvoorbeeld berekend op ongeveer 4.5A op de 5V-lijn (passief gekoeld, bron: mini-box[1]). Als je nog wat ruimte voor andere verbruikers op 5V wilt houden zou ik daar niet meer dan 3 harde schijven aan hangen.
Belangrijk! Je ziet op elk elektrisch apparaat meestal een AC stroomrating staan, in dit geval 100-240VAC 5A. Dit betekent allerminst dat dit apparaat 5A gebruikt, of zelfs dat dit apparaat 5A kán gebruiken. Die 5A staat voor de fuse rating, oftewel de stroomsterkte waarbij de interne zekering eruit klapt. Deze is, zeker bij apparaten met een slechte power factor, zeer verschillend van het daadwerkelijke energieverbruik.

UL-registratie van SS-330 UL-registratie. De Underwriters Laboratories zijn een organisatie die elektrische en elektronische ontwerpen testen op features en vooral veiligheid. Wanneer je een product op de markt wilt brengen betekent dat, zeker in de EU en Noord-Amerika, dat je moet voldoen aan een hele rits van certificeringen; je product moet functioneren onder de invloed van luchtvochtigheid,
temperatuur en temperatuursverandering, elektromagnetische straling en nog een hele schare aan andere eisen. Deze eisen zijn doorgaans in IEC- of ISO-richtlijnen gevat, en onder andere de UL loopt een groot deel van deze tests door. Wat voor de gebruiker helemaal interessant is, is dat een UL-registratie niet voor een specifiek merk en type product geldt, maar puur voor het interne (elektromechanische) ontwerp. Vaak gebruiken verschillende fabrikanten dezelfde voeding, maar plakken ze er een ander stickertje op en gooien ze er een LED-fan in, om maar wat te noemen. Door de UL-registraties te vergelijken en op te zoeken kun je erachter komen welk bedrijf het ontwerp origineel heeft gemaakt, en vaak ook precies welke producten met dat ontwerp zijn uitgerust. De UL-registratie heeft de meeste aansluiting bij Noord-Amerikaanse veiligheidsspecificaties. In Europa wordt vaak ook met TüV en KEMA-keurmerken gewerkt. Bovendien moet elektronica bestemd voor verkoop in Europa het CE-keurmerk dragen*. Sommige landen vereisen ook nog landspecifieke compliance tests; in de V.S. is dat de FCC, in China de CCC.

TÜV-keurmerk CE-keurmerk FCC-keurmerk CCC-keurmerk
Keurmerkjes!


Mux' top tips! Er zijn sommige voedingen die onterecht één of meerdere keurmerken dragen. Het heeft daarom zin wanneer reviewers de registratienummers even natrekken bij de online databases. Het is een kleine moeite, en zegt op voorhand flink wat over de betrouwbaarheid van een voeding(-fabrikant). De enige site waarvan ik weet dat deze dat doet is HardwareSecrets. Thumbs up!

* Het CE-keurmerk is net als de alinea hieronder iets dat bedrijven zelf erop plakken zonder dat een externe instantie hierop controleert.

OEM-specifieke tests en eigenschappen. Er zitten vaak ook nog allerlei stickertjes en kenmerken op een voeding die niks zeggen of geen functionele/veiligheidseisen behelzen. Hier zie je er twee: RoHS en HI-POT OK/GROUNDING OK. De eerste sticker zegt dat dit apparaat voldoet aan de richtlijnen voor Reduction of Hazardous Substances. Dit betekent dat de elektrische en mechanische onderdelen gemaakt zijn met recycling/afval in het achterhoofd: zware metalen, giftige stoffen en dergelijke zijn zoveel mogelijk vermeden zodat het product geen gevaar voor het milieu is als het correct (of soms minder correct) wordt weggegooid. De andere sticker staat voor een set interne tests die ze doen; een van de veiligheidstests is om te kijken of de netspanning goed geisoleerd is van de aarde.RoHS - Reduction of Hazardous Substances
HI POT test/Grounding fault test
Wanneer dat niet zo zou zijn, kan de gebruiker een schok krijgen van de behuizing. Ook wordt getest of het netfilter correct werkt. Dit wordt allebei gedaan door een hoge spanning (high potential) over de netaansluiting ten opzichte van aarde, respectievelijk over de twee aders van de netaansluiting te zetten. Later kom ik hier nog gedeeltelijk op terug. Deze stickers zijn niet gestandaardiseerd en worden door de producent zelf gedaan; het is weliswaar wenselijk dat ze daarmee aan IEC- of ISO-richtlijnen voldoen, maar dat is hiermee niet gegarandeerd. Ze zijn effectief dus niks waard.

Dit is alles wat ik te vertellen heb over de buitenkant van de voeding. Toevallig gebruikte ik hier een sticker van een Seasonic ATX-voeding, maar deze certificeringen en eigenschappen zul je net zo goed terugvinden op een adapter of andere voeding (bijvoorbeeld een interne voeding in een televisie). Anyway, laten we eens dieper in de materie duiken en kijken wat er allemaal ín een voeding zit.
Systeemoverzicht
Goed, we gaan weer eens terug naar ons basisschema van een schakelende voeding:

Schema van een schakelende voeding

Wat we hier zien is één converter die van AC netspanning naar één DC regulated uitgangsspanning gaat. Een adapter zoals je die van een laptop kent is daadwerkelijk zo simpel; hij hoeft maar één uitgangsspanning te geven en that's it. Bij een ATX-voeding zit het wat moeilijker, want die moet op zijn minst vier, en waarschijnlijk vijf spanningen leveren:
- 5V standby (5Vsb, de enige spanningslijn die actief is als de computer uit staat)
- 12V
- 5V
- 3.3V
- (-12V)

Maar in een ATX-voeding zul je niet vijf converters herkennen. Sommige onderdelen worden gedeeld tussen de converters:
- Het netfilter is enkelvoudig uitgevoerd
- De gelijkrichter idem dito
- PFC wordt gedeeld
- Eén grote transformator en schakelgedeelte wordt gebruikt voor 5V, 12V en 3.3V
- Een aparte transformator en schakelaar wordt gebruikt voor 5Vsb zodat de 'grote' converter kan uitstaan, dit bespaart uiteraard energie.

Wat je dus zult zien in een gemiddelde ATX-voeding is: één netfilter, één gelijkrichter, één PFC-eenheid, een kleine transformator en schakelaar, een grote transformator en schakelaar en een hoop uitgangsfiltering. We gaan nu alle onderdelen eens doorlopen. Ohja, zo ziet een voeding er in het echt ongeveer uit:

Een voeding (uit een iiyama monitor)
Een voeding uit een iiyama monitor. Zie dat de voeding eigenlijk door BenQ is gemaakt. De voeding behelst alles behalve die vier transformatortjes die je langs de linkerrand ziet zitten
Netfilter en beveiliging
Op hardwaresecrets kun je lezen dat een netfilter bepaalde specifieke onderdelen nodig heeft; een X condensator, twee Y-condensatoren, een common-mode filter, een of meerdere inductoren direct in de wisselspanningslijn, een zekering en een MOV. Maar waarom? En waarom is een voeding kwalitatief beter als alles erin zit? Is dat wel zo?

Een zekeringDe zekering is het eenvoudigste uit te leggen. Wanneer iets in de voeding teveel stroom trekt brandt dit dunne draadje door en wordt de stroomtoevoer naar de voeding onmogelijk gemaakt. Het is dan echter wel van belang dat dit onderdeel op de juiste plek wordt gezet, en van het juiste type is.
Glazen zekeringen zijn bijvoorbeeld vrij onveilig wanneer ze falen; wanneer de stroom erdoor wat te heftig wordt exploderen ze en veroorzaken ze juist meer schade in de voeding, in plaats van dat ze de voeding (en computer) beschermen. Verder moeten zekeringen vaak vrij grof worden overbemeten; dit omdat ze niet moeten beschermen tegen de maximale reëele stroom, maar ook het blindvermogen moeten geleiden (zie blogpost). Als laatste doen zekeringen helemaal niks om je voeding van spanningspieken op het lichtnet te behoeden; ze knappen als de stroom erdoorheen te groot wordt, en niks meer. En dan nog wat over de plaatsing van de zekering: hiervoor is het belangrijk na te denken in termen van Failure modes. Als een onderdeel kapotgaat, gaat het vaak op dezelfde manier stuk. Een onderdeel heeft zelfs meestal één manier waarop het stukgaat in veruit het grootste deel van de gevallen. Een belangrijke tweedeling in failure modes is of een onderdeel in kortsluiting of open faalt. In een voeding zitten allerlei onderdelen tussen de 230V en neutrale ader; als zo'n onderdeel in kortsluiting faalt gaat er een hele grote stroom lopen, met mogelijk brandgevaar tot gevolg. Andere onderdelen falen open (bijvoorbeeld een zekering, maar ook een X condensator - dit wordt zodirect uitgelegd). Deze onderdelen kunnen dus veilig tussen de spanningslijnen worden gezet, want als er iets misgaat stoppen ze met geleiden en is er geen gevaar. De zekering wordt dus altijd op een plek gezet waarná onderdelen komen die in kortsluiting falen. Vóór de zekering zit vaak het netfilter, en dit onderdeel is zo ontworpen dat hij niet in kortsluiting faalt (en dus veilig ongezekerd aan het lichtnet kan worden gehangen).

Er zijn veiligere soorten zekeringen, bijvoorbeeld HRC of plastic/ceramic encased zekeringen. Die laatsten lijken erg op zekeringen zoals je ze in je meterkast vindt, maar dan een heel stuk kleiner en vaak net wat anders vormgegeven. Zekeringen in adapters zijn vaak van dit laatste type, en zekeringen in (goede) multimeters zijn vaak HRC- (high rupture capacity) varianten. Wanneer er iets in je voeding kortsluit kan er zomaar een hele hoop stroom gaan lopen; tientallen, misschien wel honderden ampères. De zekering doet er even over om op te blazen, en vóór die tijd kan flink wat warmte ontstaan. HRC zekeringen zitten zo in elkaar dat die plotselinge warmteontwikkeling niet tot een explosie kan leiden. Echter, in voedingen zitten meestal (relatief onveilige) glazen zekeringen, omdat zulke situaties niet realistisch gezien kunnen voorkomen op het lichtnet (uitgezonderd directe blikseminslag).

Goed, op naar de MOV of metal oxide varistor. Dit is een onderdeel dat tussen de lijnen van de netspanning staat en gewoonlijk - bij een normale netspanning - een vreselijk hoge weerstand heeft. Daardoor loopt er niet of nauwelijks stroom doorheen en doet hij dus niks. Wanneer de spanning echter hoger wordt - bijvoorbeeld als er plots een spanningspiek op het net komt - wordt zijn weerstand plots lager (spanning-stroomkarakteristiek lijkt op een diode), en op een specifieke spanning, de clamping voltage, laat hij zelfs niet eens meer een hogere spanning toe op zijn uiteinden. Dit onderdeel beschermt dus tegen spanningspieken - een blikseminslag verderop, of een onbeschermde zware elektromotor die opstart. Het zit echter meestal niet in voedingen, mede vanwege de relatief hoge componentprijs en omdat het niet van de regelgeving hoeft. Het zit dus ook niet in de voorbeeldvoeding die ik voor deze tekst gebruik.

Ceci n'est pas une sine
Dit is zoals de spanning er bij mij thuis uitziet. Een soort sinus, maar dan ook weer niet echt.

Het volgende onderdeel is het EMI-filter. EMI staat voor elektromagnetic interference, storing dus. Idealiter - zie wederom de blogpost over de power factor - komt er uit je stopcontact een perfecte sinusgolf wandelen (zowel spanning als stroom). Elke afwijking van deze ideale vorm is storing, en het netfilter beschermt zowel het apparaat tegen EMI op het lichtnet als dat het voorkomt om nog meer EMI het lichtnet op te sturen vanuit de voeding.Netfilter
Er zijn verschillende soorten EMI, en om dit te illustreren jat ik even dit plaatje van Murata:

Murata - Differential and Common Mode Noise
Hier worden Common mode en differential mode noise grafisch uitgelegd en de oplossingen erbij uitgebeeld. Bron: Murata [3]

Je lichtnet bestaat uit drie aders: twee stroomdragende aders (die in combinatie met je belasting een volledig circuit vormen) en een aarde. De aarde is bedoeld als veiligheidsader: hier staat per definitie 'geen' spanning op en is veilig voor de gebruiker om aan te raken. De andere aders dragen een hoge spanning en zijn potentieel gevaarlijk. Storingsbronnen, echter, trekken zich weinig aan van deze definities en kunnen zich in dit systeem op twee manieren manifesteren. De eerste is differential mode noise: storing die de ene ader van de stroomdragende aders héén gaat, door het apparaat gaat en vervolgens weer teruggaat door de andere ader. Dit is met een simpel LC-filter op te lossen.

Y condensatorenDe andere vorm van storing is common-mode noise. Dit is storing ten opzichte van de aarde. In het ideale geval wil je dat alle stroom die een apparaat consumeert de ene stroomdragende ader uit komt, en de andere weer in gaat.
Op elk moment gaat er evenveel stroom de ene kant en de andere kant op; een gesloten circuit. Echter, soms gaat er net even wat meer in, en komt er net even wat minder uit het apparaat. Kirchoff's stroomwet zegt dat die stroom ergens heen moet gaan, en dat doet hij ook: hij gaat via de aarde terug! Dat moeten we niet hebben! Hoe los je zoiets op? Het common-mode filter.

De makkelijkste analogie die ik kan vinden is die van een horizontaal (water)rad. Stel je de twee draden voor als stroompjes die parallel aan elkaar in tegengestelde richting gaan. Het waterrad is het common-mode filter. Wanneer er aan de ene kant evenveel stroom heen gaat als aan de andere kant terug, draait het rad vrij en is er geen probleem. Echter, wanneer er aan een kant meer of minder stroom wil vloeien dan aan de andere kant, geeft het waterrad weerstand, en als het verschil echt groot is stopt hij het nagenoeg allemaal. Dat is precies wat een common-mode filter doet: het heeft een hele lage weerstand voor normale netstroom, maar zowel bij hogere frequenties als bij een stroomonbalans wordt zijn impedantie veel hoger.

Ik had het eerder al over de veiligheid van componenten en failure modes; hier komt dat terug. Het netfilter zit meestal (gedeeltelijk) vóór de zekering. Dat wil zeggen: als het netfilter in kortsluiting zou falen, doet de zekering hier helemaal niks aan en kun je je elektronica afschrijven. In een netfilter mogen dus alleen onderdelen tussen de spanningslijnen zitten die als failure mode open failure hebben. De condensatoren die zowel voor de differential mode als common mode filters worden gebruikt hebben daarom een veiligheidsaanduiding: X en Y. X condensatoren zijn condensatoren die ontworpen zijn voor situaties waarbij failure katastrofale gevolgen kan hebben (brand, etc.). Wanneer deze condensatoren stukgaan zullen ze dus altijd open falen. Bovendien kunnen ze tegen een stootje: ze zijn self-healing. Wanneer er eens een flinke spanningspiek op komt te staan, doen ze het eventjes wat minder goed, maar na verloop van tijd helen ze tot binnen de specificaties. Y condensatoren zijn componenten die ontworpen zijn voor situaties waarin failure een user hazard vormt: een elektrische schok van de behuizing. Deze condensatoren zijn niet persé self-healing, en falen ook niet helemaal perfect open, maar hebben de garantie dat ze nooit meer dan een bepaalde hoeveelheid stroom (250uA - microampère) kunnen geleiden als ze stukgaan (of als ze nominaal werken).
Power factor correction en de rest
Het volgende blok in een voeding is doorgaans power factor correction (PFC). Dit heb ik reeds in deze blogpost uitgelegd. Daarna komt nog het schakelgedeelte en het uitgangsfilter. Daar kan ik nu wel over gaan schrijven, maar dan weet ik zeker dat ik een hoop "tl;dr"s zal krijgen. Ik hak hier dus het blog doormidden. Morgen deel 2!
Bronnen
[1] http://resources.mini-box...PWR-PICOPSU-90-manual.pdf
[2] http://www.hardwarelogic...._SpecificationSticker.jpg
[3] http://www.murata.com/products/emc/knowhow/pdf/26to30.pdf

Volgende: Hoe werkt een voeding nou precies - deel 2 02-'11 Hoe werkt een voeding nou precies - deel 2
Volgende: A multimeter love story (of: Fluke 183 voor 45 euro) 01-'11 A multimeter love story (of: Fluke 183 voor 45 euro)

Reacties


Door Tweakers user woekele, zondag 30 januari 2011 13:17

Duh.

Dit is toch allemaal basisschoolkennis?


j/k! Thanks voor alle uitleg ;)

Door Tweakers user RobIII, zondag 30 januari 2011 13:52

Dit zijn nog eens blogs d:)b Keep it up! _O_

Door Tweakers user Slapstick, zondag 30 januari 2011 15:19

* Bookmarked

[Reactie gewijzigd op zondag 30 januari 2011 15:20]


Door Tweakers user wheez50, zondag 30 januari 2011 20:53

tl;kept me from doing other stuff :p

Ik vind je blogs bijzonder interessant en smul er werkelijk waar van. Graag meer!


Door Tweakers user Snowmiss, maandag 31 januari 2011 23:33

Zo morgen weer wat les......

Door Tweakers user compufreak88, dinsdag 1 februari 2011 10:00

Reuze interessant. Bedankt voor je blogposts.

Door Tweakers user Buggle, woensdag 15 februari 2012 13:50

Heb net even je blogs doorgescand op informatie die me kan helpen bij het kiezen van een voeding - erg handig, ook al zijn veel van je uiteindelijke conclusies volgens mij ook al teruggekomen in je 10W project dat ik van begin tot eind gelezen heb.

Toch wil ik nog even wijzen op een punt waar Hardwaresecrets de mist in gaat. Je linkt naar een artikel van hun bij je beschrijving van de UL Registratie. Ze hebben het hier ook over de Ecos ID#, waarmee je volgens HR dus de voedingen kan matchen. Dit klopt niet; zoek voor de gein eens de Huntkey Jumper 300G op (Ecos ID 2632.1); die matcht qua ID met de Comstars KT-S650-12A, wat een voeding met een compleet ander wattage en meetwaarden is. De truc met de UL registratie heb ik nog niet geprobeerd, maar ga ik zo ook proberen - de Huntkey is momenteel de beste reguliere voeding voor lagere wattages die momenteel verkrijgbaar is voor zover ik weet (misschien ook iets om toe te voegen aan het lijstje in deel 3?), en kost hier in Duitsland tegen de 75 euro. Dat vind ik vrij veel... Misschien is er ergens een OEM versie van te vinden.

Door Tweakers user mux, woensdag 15 februari 2012 16:17

Bedankt voor je tip. Ik heb zelf eigenlijk nog nooit naar de Ecos ID gekeken, want dat is zo specifiek voor een niche van voedingen dat het voor mij geen nut heeft me erin te verdiepen. UL-registraties zijn universeel en veel nuttiger om in het algemeen te gebruiken.

Het is moeilijk om de Huntkey en aanverwante (zelfde OEM ontwerp, kleine variaties in onderdelen) aan te raden precies om de reden die je noemt. Als je perfecte efficiëntie wilt voor de sport, ok, maar financiëel boeit het niet meer. Dat gold tot voor kort net zo goed voor een picopsu+adapter. Als je hem ergens goedkoper vindt, post het dan zeker hier, dan kan ik het terugvinden en wanneer het in topics op GoT en IRL langskomt aanraden aan de medemens.

Door Tweakers user Buggle, woensdag 15 februari 2012 18:11

Nee, helaas niet kunnen vinden. De producent is SHENZHEN CHI YUAN INDUSTRIAL CO LTD volgens deze lijst, en dat is het moederbedrijf van Huntkey zelf (SHENZHEN HUNTKEY ELECTRIC CO LTD).
"(...) UL-number, E181356, (...). Huntkey is an independent part of a large company, SHENZHEN CHI YUAN INDUSTRIAL CO LTD, which is a mayor player on the Chinese market. Using the same UL-number more brands have brought power-supply’s on the market, like Ever Green, North Q, Dynex, LC-power and nMedia PC." bron
Ik heb helaas geen UL-nummer van een Jumper kunnen vinden. Genoemd UL nummer leidt overigens ook niet tot een unit met de Jumper of 300G benaming.

Door Ismay, donderdag 3 januari 2013 17:25

Wat een hoop informatie! Lekker duidelijk uitgelegd, en heel interessant om te lezen! :)

Door Ilse, dinsdag 28 mei 2013 09:05

Duidelijke blog, helder uitgelegd!

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Via deze link kun je inloggen als je al geregistreerd bent. Indien je nog geen account hebt kun je er hier één aanmaken.