Verkiezingen 2017: Infrastructuur

Door mux op zondag 4 december 2016 12:01 - Reacties (10)
Categorie: Verkiezingen 2017, Views: 1.107

Infrastructuur is ontzettend zichtbaar; wegen, hoogspanningsmasten, dijken, kanalen, internettoegang. Maar hoe wordt dit allemaal aangestuurd en bekostigd? Hoe werkt de infrastructuur in Nederland?

Wat is infrastructuur?

Infrastructuur is een overkoepelende term voor netwerken van algemeen nut. Infrastructuur kan slaan op wegen, elektriciteit, internet, riolering, etc. En in tegenstelling tot veel politieke zaken, is er meestal een heel erg duidelijke manier waarop infrastructuur 'het beste' kan worden gedaan. Dit is wat SimCity zo leuk maakt; je kunt continu optimaliseren en meetbaar resultaat krijgen. Het is echter behulpzaam om infrastructuur wat verder onder te verdelen.

Ruimtelijke ordening
Op het hoogste niveau van organisatie vind je meestal ruimtelijke ordening. Dit is een term voor hoe de overheid het land verdeelt; waar komen de dijken, waar komen de wegen, waar komen de wijken. Uiteraard stopt het daar niet; ruimtelijke ordening gaat helemaal door tot de kleinste details. Zo kun je bijvoorbeeld in kadastertekeningen ordeningen tot in het kleinste detail uitgewerkt zien. Langs een weg wordt bijvoorbeeld een bufferstrook van de gemeente ingetekend, vervolgens een strook die door een energiebedrijf of ProRail wordt beheerd, vervolgens een deel openbaar groen, dan een sloot en uiteindelijk een huizenperceel. Iedere ruimtelijke onderverdeling heeft een bestemmingsplan; een doel waar alles wat je met dat land doet aan moet voldoen. Iedere bestemming is onderhevig aan regelgeving vanuit de verschillende overheidslagen.

https://static1.squarespace.com/static/547b2df3e4b0dcc910e8552e/559e8c0fe4b0df8f48d26a78/559e8c22e4b0cc535740c75f/1436453927257/kadastrale+kaart+Kuifeend-2.jpg

Ruimtelijke ordening wordt niet willekeurig uitgevoerd. Er zitten doorgaans diepgaande historische en wetenschappelijke richtlijnen achter de vorm waarin steden en percelen zich ontwikkelen. Zo zijn wegen en paden gestandaardiseerd op bepaalde minimummaten, gebaseerd op hoe een veilige weg eruit moet zien. Gas- en waterleidingen moeten zich in een specifiek soort grond en zand bevinden zodat ze niet (door natuurlijke grondverschuivingen en grondwater) kapotgebogen worden. Elektriciteitsleidingen van verschillende soorten moeten zó worden aangelegd dat ze niet overbelasten, zelfs met toekomstige veranderingen in consumptiepatronen. Maar wie is er dan verantwoordelijkheid voor de invulling?

Verschillende overheidsinstituten
Jawel, verschillende overheden zijn verantwoordelijk voor verschillende delen van onze infrastructuur. Het is echter belangrijk om te weten dat er een groot verschil zit tussen de verantwoordelijkheden voor geld/bestuur en uitvoering. Sommige projecten hebben tientallen verantwoordelijke partijen, maar alle werkzaamheden worden uitgevoerd door één partij.

Kort gezegd hebben we de volgende overheidslagen:
  • Het Koninkrijk. Het koninkrijk is verantwoordelijk voor het uitschrijven van de 'grote lijnen'; wat gaan we de komende 10-20 jaar allemaal doen. Dit slaat op zowel Nederland als de BES-eilanden. Aruba, Curaçao en Sint Maarten - onderdelen van het koninkrijk - hebben een autonome status. In feite worden deze grote lijnen rond Prinsjesdag besloten door ons parlement en voorgedragen aan de Koning, die dit min of meer klakkeloos overneemt.
  • De Staten-Generaal (Eerste en Tweede kamer). Dit is eigenlijk het eerste echte organisatieniveau. Dit is waar het geld wordt verdeeld. Dit wordt in overweldigende mate in feite gedaan door de ambtenarij, die ieder jaar - op basis van wetenschappelijk en statistisch onderzoek door veschillende instituten zoals het CPB en CBS - afwegen welke projecten worden opgenomen en welke worden geschrapt uit het budget. De Staat heeft heel veel macht over onze infrastructuur; afgezien van het geld dat naar gemeenten en waterschappen gaat, bepaalt de staat in feite precies wat er allemaal gebouwd wordt in Nederland.
  • De provincies. Een relatief zwak en klein organisatieniveau in Nederland. De provincie besluit traditioneel over het verdelen van gelden voor wegen tussen gemeenten. Echter, gezien ieder stuk land in Nederland zowel tot een gemeente als tot de provincie behoort - en omdat de provincie doorgaans geen eigen werklui en materieel heeft, is dit meer een manier om tot samenwerking tussen gemeenten te komen.
  • Waterschappen. Traditioneel een machtig en groot organisatieniveau, want Nederland ligt letterlijk onder water. Waterschappen zijn een organisatieniveau dat doorgaans gemeente- en soms zelfs provincieoverschrijdend is, en een soort veto heeft in zowat ieder infrastructuurproject. Het waterschap zorgt ervoor dat op ieder moment onze waterhuishouding goed geregeld is - dijken, rivieren, kanalen, boezems, grondwater, vervuiling, duinen.
  • Staatsbosbeheer. Dit onderdeel van het Ministerie van Economische Zaken (yep, nog zoeen) beheert de natuur in Nederland. Dit zijn speciale, doorgaans door het rijk bepaalde provincie- en gemeenteoverschrijdende uitzonderingsgebieden.
  • Gemeentes. De gemeente krijgt van het Rijk geld om kleine reparaties en werkzaamheden uit te voeren binnen de gemeentegrenzen, en kan voorstellen maken voor grotere projecten die het rijk of de provincie bekostigen. Doorgaans betekent dit dat alles groter dan wegreparaties niet alleen door de gemeente wordt gedaan. Riolering is een van de weinige volledige verantwoordelijkheden van de gemeente.
Daarnaast hebben we nog speciale instituten voor andere infrastructuur:
  • TenneT beheert het transmissienetwerk in Nederland, dat wil zeggen de transport van grote hoeveelheden elektrische energie over hoogspanningsmasten. Distributie - het verdelen van elektriciteit binnen stadsgrenzen - is geliberaliseerd en wordt beheerd door verschillende netbeheerders (Enexis, Stedin, etc.). Energie wordt verhandeld tussen producenten en netbeheerders via APX. Internationale handel gaat via verscheidene power exchanges (bijv. NorNed, BritNed).
  • Onze internetinfrastructuur is vrijwel helemaal geliberaliseerd en wordt beheerd door veel verschillende bedrijven. Procentueel valt het meeste onder KPN (glasvezel en telefoonlijnen) en Ziggo (kabel). Ook de grote internetswitches zijn bedrijven, bijv. AMS-IX (een non-profit).
  • ProRail beheert de spoorinfrastructuur.
  • Voor sommige heel erg grootschalige projecten worden speciale eenheden opgezet, bijvoorbeeld De Nieuwe Afsluitdijk
  • Het Rotterdams Havenbedrijf (deels eigendom van de Gemeente Rotterdam) beheert de grootste haven van het land.


Uitvoer van infrastructuurwerkzaamheden
Nederland is - wederom - relatief uniek in de wereld vanwege de manier waarop het (grote) infrastructuurprojecten aanpakt. Ondanks dat we, net als ieder ander land, vele bestuursniveaus hebben, wordt de uitvoer van projecten vaak gedaan door één partij: Rijkswaterstaat. Rijkswaterstaat is de aannemer van Nederland. Het plant en coördineert ieder aspect van grote projecten. Rijkswaterstaat heeft een klein leger ingenieurs en managers in eigen dienst, maar voor het echte werk wordt vaak één externe partij ingehuurd; Heijmans, Mammoet, Sweco, BAM Nedam, etc. Deze partijen zijn vaak oude bedrijven die in feite samen gegroeid zijn met ons land en ontzettend goed ingericht zijn voor Nederlandse infrastructuurprojecten. Met andere woorden: ze hebben alles wat nodig is onder één dak.

En wat is het resultaat daarvan? Nou, tja, kijk maar:



Het kan je niet ontgaan zijn dat ik best enthousiast ben over Rijkswaterstaat en Nederlandse infrastructuurprojecten. En nee, ik ben de rest van de infrastructuur ook niet vergeten. ProRail doet ook mooi spul:



En wat dacht je van Tennet/Joulz?



OK, mooie filmpjes, maar ik zie nog niet echt wat er zo speciaal is aan Nederland? Dit is toch hoe ze overal bruggen vervangen en transformatoren verslepen? Je zult je verbazen - maar nee! Ik bedoel, afgezien van dat het in andere landen andere bedrijven zijn, is de gehele werkwijze vaak totaal verschillend.

Allereerst: het feit dat we een klein land zijn, betekent dat het hier mogelijk is om alles groter dan een straatje leggen vanuit de centrale overheid te regelen. Met andere woorden; ondanks dat er veel organisatieniveaus zijn die meedenken en hun eigen eisen stellen, is er alsnog één centrale organisatie die alles weet en kan regelen. Dit is in veel gevallen Rijkswaterstaat. En dit zorgt ervoor dat snelwegen in de Randstad van dezelfde kwaliteit zijn als in Groningen.

Maar misschien nog veel belangrijker voor ons oh-zo-drukke, oh-zo-volgebouwde land, is dat infrastructuurprojecten allemaal op projectbasis door één goed samenwerkend team wordt gedaan. Dit klinkt super-obvious, maar in het buitenland - en daarmee bedoel ik zowat de hele wereld - werkt dat niet zo. Het is veel 'normaler' om als gemeente of provincie een bedrijf in te huren dat jouw wegen onderhoudt. Dat bedrijf neemt vervolgens meerdere projecten tegelijk aan, en de ene week laat hij z'n werklui aan het ene project werken, en de volgende week aan het andere, om daarna weer terug te komen naar het eerste project. Dit is waarom bijvoorbeeld wegwerkzaamheden in Duitsland weken of maanden lang duren - met vaak geen enkel persoon te zien die echt aan het werk is als je erlangs rijdt. In Nederland wordt de klok rond gewerkt aan één project tegelijk, zodat de impact op de doorstroming minimaal is.

En wederom; ik focus nogal op Rijkswaterstaat en wegprojecten, maar hetzelfde geldt voor alle andere infrastructuur. Centraal gestuurde projecten, uitgevoerd door gigantische, zeer goed uitgeruste bedrijven. Dat is hoe Nederland bouwt.

Wat kost het en wat levert het ons op?

Al deze sexy filmpjes kosten ons bakken met geld, nietwaar? Nou... je zult verbaasd staan. We geven totaal ongeveer 4 miljard euro uit aan infrastructuur, dat is 0,47% van ons BNP; aanzienlijk minder dan het wereldgemiddelde en de meeste OECD-landen.

http://s30.postimg.org/5fkf3lxn5/infrastructure_spending.png

Deels komt dit doordat we simpelweg minder te onderhouden hebben; ruwweg 7,5km weg per 1000 mensen versus bijvoorbeeld 22km voor de Verenigde Staten (en hetzelfde geldt voor andere infra). Maar dat is niet het hele verhaal, want we hebben ook aanzienlijk hogere belasting van onze wegen. En onze fietsinfrastructuur - een voorbeeld voor de rest van de wereld en bijna 25% van onze weginfra - wordt hier niet bij gerekend. Ook op het gebied van elektrische infrastructuur zitten we doorgaans in de top-3 in Europa, en daarmee ook de wereld. Zie bijvoorbeeld de hoeveelheid stroomuitval in minuten per jaar:

https://www.cleanenergywire.org/sites/default/files/styles/large/public/images/factsheet/average-annual-interruption-power-saidi-eu-ceer-5.2-2015.png?itok=OvTy5-SS

Dit komt deels door aggressieve vernieuwing van onze transmissie- en distributie-infrastructuur, die momenteel flink (en heel zichtbaar) wordt aangepakt met de nieuwe Noord- en Zuidring (zie bijvoorbeeld dit filmpje van TenneT) in verwachting van de hogere elektriciteitsconsupmtie van elektrische auto's en hogere transmissie via de internationale HVDC-kabels.

Nederland ligt zoals gezegd onder water, en klimaatverandering zorgt ervoor dat we gevoelig zijn voor dijk- en duindoorbraken. Geen punt, dit is al gefikst:



(Oh, en als je overmatige zoetsappigheid kunt tolereren: hier een extreem patriotische video over de nieuwe afsluitdijk).

Er zijn eigenlijk heel weinig aandachtspunten voor onze infrastructuur. Tweede bron. Op ieder infrastructureel punt... zijn we top-3 of op z'n slechtst top-5 (internetsnelheden). OK, we staan 7e op de ranglijst van spoorkwaliteit. Blame ProRail.

Je gaat toch niet zeggen dat het hier perfect is?
Oh, nee, als er iets is waar we goed in zijn, dan is het zeiken. Lang niet altijd zonder reden. En er zijn echt dingen die beter kunnen én die van toepassing zijn op de komende verkiezingen. We hebben al bijna 10 jaar geen nieuwe grootschalige uitrol van glasvezelinternet gehad. Het Reggefiber- en KPN-netwerk bestrijkt nog steeds maar ongeveer de helft van het land, en daarin zijn we absoluut geen koploper meer. Er is nog heel veel slecht aangesloten fietsinfrastructuur; je weet wel, een fietssnelweg die uitmondt in een keienweggetje. De uitrol van mobiele internetdiensten is traag en ver achter de wereldkoplopers. En ondanks dat de regering hard bezig is geweest met het aanmoedigen van hybrides en elektrische auto's, zijn we nog steeds een fikse vervuiler en uitstoter van broeikasgassen - terwijl we juist zo gevoelig zijn voor klimaatverandering!

Conclusie

Dit was een korte, wat leukere blog over iets waar we als land echt in uitblinken. Hopelijk houden we dit vol in de komende kabinetsperiode. Nu dat je weet waaróm alles hier werkt zoals het werkt, ben je hopelijk beter in staat verkiezingsprogramma's te beoordelen op hun merites ten aanzien van infrastructuur. Let wel, ik heb het wederom maar over een kleine minderheid van de aspecten van onze infrastructuur gehad - deze blogs zijn geen compleet compendium. Ik leg alleen de basics uit zodat we goed beslagen ten ijs komen wanneer we naar de verkiezingsprogramma's gaan kijken.

De volgende keer gaan we het over energie en duurzaamheid hebben.

[Video] 10 awesome projects I want to tell you about - PowerElectronicsBlog

Door mux op vrijdag 2 december 2016 10:01 - Reacties (9)
Categorie: Videos (PowerElectronicsBlog), Views: 1.750

Als je alleen m'n video's of alleen m'n blogs volgt, kan het zijn dat je een paar projecten van me gemist hebt. Daarnaast heb ik ook een hoop 'to-do'-projecten liggen. In plaats van aparte in-depth video's overal over te maken, is hier een samenvatting van allerlei coole dingen die ik jullie niet wil onthouden

In deze video besproken

Verkiezingen 2017: De zorg

Door mux op zondag 27 november 2016 10:30 - Reacties (23)
Categorie: Verkiezingen 2017, Views: 2.121

Zowat mijn hele familie werkt in de zorg, inclusief mijn vriendin. Het zal dus niet als een verrassing komen dat ik een hoop kan vertellen over dit onderwerp. Maar niet alleen mijn persoonlijke motivatie helpt hieraan mee; Nederland heeft een uniek zorgsysteem. Als je eenmaal begrijpt hoe het werkt.

Als follow-up voor deze blogpost maak ik een video met daarin interviews van verschillende professionals in ons zorgsysteem. Heb je een vraag over ons zorgsysteem, stel die dan in de comments!

Wat is gezondheidszorg?

http://media.melty.com/article-10373-ajust_930-f1457806718/warren-performs-an-emergency-surgery.jpg
Dit is niet gezondheidszorg

Allereerst; het heeft zin om eens helemaal terug te gaan naar het begin en na te denken over de vraag: wat is gezondheidszorg eigenlijk? Wat verstaan we precies onder de zorgsector?

De definitie van zorg is door de geschiedenis heen sterk veranderd. Ziekte is een afwijkende conditie is van de normale situatie, welke storend is voor de drager. Zorg is vervolgens het zorgen voor zieken zodat ze (sneller) beter worden. Maar je ziet het probleem al; wat is normaal, wat noemen we een ziekte en - dit is historisch belangrijk - wat zien we als noch normaal, noch ziekte? Om maar even een scherp punt te maken - homoseksualiteit wordt in een groot deel van de wereld als ziekte gezien. Moet dit gedekt worden door onze basisverzekering?

Naast zogenaamde curatieve zorg, oftewel mensen beter maken, is er ook preventieve zorg - het voorkómen van ziekte - en (palliatieve) zorg, het zorgen voor mensen met een ongeneeslijke aandoening of aan het einde van hun leven. Veruit de meeste kosten in de zorg hangen samen met dat laatste. Dus… betaal je als samenleving niet alleen voor gebroken benen, maar ook voor verzorgingstehuizen?

De vier zorgsystemen
Het antwoord op al de voorgaande vragen is een volmondig ‘Ja!’ in de drie grote onderverdelingen van zorgsystemen: Bismarck, Beveridge en NHI. Echter, hoe je vervolgens deze zorg verstrekt en betaalt varieert.

http://image.slidesharecdn.com/chicaago2015-150521234539-lva1-app6891/95/great-presentation-by-adrian-wagg-at-innovating-for-continence-conference-7-638.jpg?cb=1432251998

In het Beveridge-systeem is alle gezondheidszorg publiek. Dat wil zeggen dat alle doktoren, verplegers, assistenten en management onderdeel zijn van de staatsoverheid. Doktoren zijn dan dus ook ambtenaren met een ambtenarensalaris. Dit drukt de kosten flink; niet alleen kunnen salarissen - vaak het grootste deel van zorgkosten - geminimaliseerd worden, de overheid kan ook hele goede deals krijgen voor medicijnen en apparatuur, gezien ze groot kunnen inkopen. Het Beveridge-model heeft ook geen winstmotivatie; er zijn in feite geen zorgverzekeraars of ziekenhuizen of maatschappen die winst moeten draaien. Daardoor is er heel veel potentie voor kostenreductie en focus op zorgkwaliteit, gezien dat de punten zijn die de kiezers het belangrijkste vinden. Een kenmerk van Beveridge-systemen is dat dit dus ook erg goedkope en effectieve systemen zijn, omdat de overheid de best mogelijke tools heeft om te bepalen welke zorg de beste prijs-kwaliteitverhouding geeft.

Er zijn ook nadelen aan het Beveridge-model. De eerste is dat het door de overheid wordt bedreven, en dus gevoelig is voor verspilling en trage reactie op markten. Dit is een relatief zwak argument; de meeste landen met Beveridge-zorgsystemen hebben alsnog lagere zorgkosten en betere kwaliteit en toegankelijkheid dan veel alternatieven. Daarnaast is er ook weinig keuze; je hebt doorgaans één huisarts waar je naar toe moet en ook in specialisten en verzorging is weinig keuze. Een belangrijker punt is dat het een heel erg duur systeem is voor de overheid, gezien alle kosten en dus ook alle risico’s door de overheid worden gedragen. Met name nu, met hogere zorgkosten door vergrijzing (veruit de meeste zorgkosten komen pas in de laatste jaren van je leven) en minder inkomsten (veel lager percentage werkbevolking) betekent Beveridge dat de zorg verschraalt, wachtlijsten flink oplopen en minder zorg vanuit de overheid wordt betaald. Een ander nadeel van Beveridge is dat zorgverleners meestal veel minder betaald krijgen, en dus minder bereid zijn in het vak te treden of na hun opleiding naar het buitenland vertrekken. Omdat de overheid niet echt meer geld kan bieden aan specialisten om nieuw talent aan te trekken, zorgt dit voor langdurige gaten in de zorgverlening.

Een alternatief voor Beveridge is het Bismarck-systeem. In Bismarck zijn alle zorgpartijen geprivatiseerd - het zijn bedrijven - maar staan ze onder zeer strikte overheidscontrole. In feite is het semi-overheid. In plaats van direct een ambtenarensalaris te krijgen, worden zorgverleners vergoed op basis van de zorg die ze verlenen. Deze vergoeding wordt vastgesteld en betaald door zorgverzekeraars die - wederom - bedrijven met winstmotief zijn, maar wel onder sterke overheidscontrole werken. Bovendien moet de belangrijkste zorg zonder winstmotief worden verleend, zowel vanuit de verzekeraar als vanuit de zorgverleners.

Bismarck is dus een verzekeringssysteem, en dat betekent dat iedereen een steentje moet bijdragen in de vorm van een verzekeringspremie aan één van de verzekeraars. Deze verzekeringen heten ook wel ziekenfondsen. Dit heeft het voordeel dat er marktwerking en concurrentie kan worden aangejaagd in de zorg. Echter, het nadeel is dat zorg… niet echt heel erg goed is in vraag en aanbod. Als je je been breekt, kun je niet even rustig shoppen en onderhandelen over de prijs - er moet NU geopereerd worden in het dichtstbijzijnde ziekenhuis. De meeste Bismarck-systemen hebben dan ook een acceptatie- en zorgplicht ingebouwd, en rekenen op marktwerking op een hoger niveau (bijv. concurrentie op medicijnen en apparatuur). Bismarck heeft doorgaans veel minder last van de problemen van Beveridge - wachtlijsten en verschraalde zorg - maar verwacht wel dat zorgconsumenten deels meebetalen aan hun zorg. Daarnaast bepaalt de overheid nog steeds in grote mate hoeveel geld verzekeraars en leveranciers krijgen voor specifieke diensten; dat zorgt ervoor dat nieuwe (dure) technieken niet snel worden betaald en ziekenhuizen dus vaak ietwat ouderwetser ingericht zijn dan bij NHI.

Vervolgens hebben we het National Health Insurance-systeem. NHI is een soort hybride systeem, waar de zorgverleners privaat zijn, maar de zorgverzekering een verplichte afdracht is naar de staat toe (een soort belasting), en de staat betaalt alle zorgverleners. In plaats van vele verschillende zorgverzekeraars is er dus maar ééntje (lijkt een beetje op Beveridge), maar de zorgverleners zijn commerciële instituten (lijkt een beetje op Bismarck). Eigen risico en andere directe betalingen vanuit de zorgconsument zijn er niet. Dit betekent dat de staat voornamelijk kosten beheerst door mensen te laten wachten op zorg (wachtlijsten) en door mensen naar de goedkoopste zorgverlener te laten gaan (geen vrije keuze).

Als laatste is er het eh… geen systeem. In het Engels wordt dit ook wel out of pocket care of fully private care genoemd. Veruit de meeste landen in de wereld hebben dit ‘systeem’, waarbij er geen overheidsgestuurde organisatie van zorg is en mensen behandelingen doorgaans contant aan de zorgverlener moeten betalen. Soms bestaan zorgverzekeringen wel, maar deze zijn zo ontzettend duur (doordat het risico over relatief weinig mensen wordt gespreid en de verzekeraars geen goede onderhandelingspositie hebben voor inkoop) dat alleen de rijkste mensen dit kunnen betalen.

Niemand heeft een puur systeem
http://www.ohio.com/polopoly_fs/1.469286.1393386160!/image/image.jpg_gen/derivatives/landscape_500/cuba0226web.jpg
Dit is het soort sappige vergelijkingen waarom je mijn blogs leest

Dus, nu vraag je je zeker af: waar kan ik welk systeem vinden, en welk systeem is het beste? Antwoord: Nergens en allemaal. Natuurlijk, wat verwacht je nou van deze blogs?

Er zijn twee landen die extreem dicht bij een puur systeem komen: Cuba heeft een schoolboek Beveridge-systeem en Singapore had tot ongeveer 10 jaar geleden een vrijwel perfect NHI-systeem, hoewel dit recent ook wat complexer is geworden.

Aan de andere kant van het spectrum is zonder twijfel de Verenigde Staten, die letterlijk ieder systeem heeft en op - voor een buitenlander onbegrijpelijke wijze - de slechtste eigenschappen van alle systemen lijkt aan te moedigen. Hun militaire veteranen vallen onder een Beveridge-model, gepensioneerden hebben een NHI-model (Medicare), een flink deel van de middenklasse heeft dure private systemen. Een aanzienlijk deel van de bevolking is onverzekerd en wordt - voor een ontwikkeld land - opvallend veel ziek met zaken die eigenlijk nergens in de Westerse wereld zoveel voorkomen. De VS geeft ook met afstand het meeste uit aan zorg en krijgt er gemiddeld ver ondermaatse zorg voor terug.

En in Nederland? Pfoe, laten we eens de geschiedenis in duiken. Want dit is, net als het Amerikaanse systeem, niet makkelijk te begrijpen als buitenstaander.

Het Nederlandse zorgsysteem

http://www.allezorgvergoedingen.nl/images/zorgstelselklein.png

Het Nederlandse zorgsysteem zoals we dat grootendeels kennen is voor het eerst opgezet door de Nazi’s tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vóór dit punt waren er ook al ziektekostenverzekeringen - de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Geneeskunde (KNMG) had al een soort basisverzekering ontworpen aan het begin van de 20e eeuw - maar een verplichte algemene zorgverzekering werd door onze Duitse bezetters ingevoerd. Dit was een heel erg puur Bismarck-systeem; als je werkte en minder verdiende dan een bepaalde loongrens, betaalde je aan speciale contributie-inners (boden) je contributie en in ruil daarvoor had je min of meer universele toegang tot de zorg. Deze zorg - en de ziekenfondsen waaruit het werd betaald - waren grootendeels een manier om de arme bevolking zorg te verlenen. Als je meer verdiende dan de grens, dan kon je jezelf particulier verzekeren. Verzekeringen waren soort-van verplicht, maar er stonden geen boetes op om onverzekerd te zijn.

In de jaren ‘70 veranderde de maatschappelijke kijk op zorg, met name vanwege voorbeelden uit Beveridge-systemen. Zowel vanuit moreel als vanuit financieel oogpunt was het beter om alle staatsburgers toegang te geven tot hetzelfde zorgsysteem. Immers; mensen in het ziekenfonds kregen vaak ondermaatse zorg vergeleken met particulier verzekerden. Daarnaast waren er veel on- en onderverzekerden. Het duurde echter tot 2006 (!!) voordat Nederland een universele basiszorgverzekering kreeg, onder Minister Hoogervorst.

En dat is wat we nu hebben. Soort van. Waar we vroeger een relatief puur Bismarck-systeem hadden, lijkt het nu meer op een kruising tussen Bismarck en NHI; we hebben een verplichte zorgverzekering voor iedere rijksingezetene (vergelijkbaar met NHI), maar de zorg wordt verleend door semi-overheid en bedrijven. En zowel de overheid (NHI) als zorgverzekeringen (Bismarck) betalen mee aan de zorg. Hoe meer je leert over ons systeem, des te meer je doorkrijgt dat we eigenlijk een uniek systeem hebben zonder enig vergelijkbaar systeem in de wereld. Dus, wat is er zo… anders aan zorg in Nederland?

Hoe werkt zorg hier nou precies?
Als je in Nederland zorg nodig hebt, ga je naar de huisarts. Logisch, toch? Nee, totaal niet logisch - geen enkel ander land werkt op deze manier. De huisarts in Nederland is de ‘poortwachter’ van de zorg; hij verwijst je door naar een ziekenhuis, specialist, apotheek, enzovoorts. En, zoals je ongetwijfeld al eens hebt gemerkt: soms doet hij letterlijk niks. Je hangt snotterig aan de telefoon met de huisartsassistent en hij zegt dat je over een paar dagen mag terugbellen als het nog steeds zo erg is. Ook dit is relatief uniek; in vrijwel de hele wereld worden er, vanwege winstmotief, een hoop onnodige antibiotica en andere middelen voorgeschreven. Huisartsen in Nederland hebben geen winstmotief en hun inkomsten zijn volledig onafhankelijk van jouw behandeling of medicijnen. Doordat huisartsen doorgaans nauwkeurig weten wat jouw gezondheidshistorie is (doordat Huisarts-Informatie-Systemen - ook wel HIS genoemd - al jouw huisartsenbezoeken bevatten) en je vaak ook persoonlijk kennen, kunnen ze relatief goed en snel beoordelen wat voor zorg je werkelijk nodig hebt. Een huisartsenbezoek kost de patiënt nooit geld.

Vervolgens word je doorverwezen naar een specialist of moet je medicijnen op doktersrecept halen bij een apotheek. Afgezien van een beperkte hoeveelheid zelfzorg-geneesmiddelen die je in supermarkten en drogisterijen kunt krijgen, lopen medicijnen en behandelingen via het geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS). In dit systeem staat voor iedere soort medicijn en behandeling wat het mag kosten, op basis van gemiddelde marktprijzen. Je verzekering keert maximaal die gemiddelde prijs uit, maar je hebt zelf vrije keuze in wat je neemt. Als je een medicijn wilt kopen dat duurder is dan deze prijs, dan moet je het verschil met de maximumvergoeding uit eigen portemonnee betalen. In de praktijk willen mensen dit niet, dus fabrikanten en zorgverleners proberen netjes onder dat gemiddelde te zitten; een voorbeeld van marktwerking in de zorg.

Echter, niet alles wordt vergoed. Ieder jaar heb je een Wettelijk Eigen Risico; in 2017 is dit ¤385. Dit betekent dat je alle zorg tot ¤385 zelf moet betalen; pas boven dat bedrag keert je verzekering uit. Dit is een totaalbedrag over het hele jaar, niet per behandeling. Dit geldt niet voor huisartsbezoek, kraam- en verloskundige zorg, alle zorg aan kinderen onder de 18 jaar en een aantal andere uitzonderingen. Als je een laag inkomen hebt, kun je recht hebben op teruggave van het eigen risico via de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Ook als je chronisch ziek bent of anderszins hoge, doorlopende zorgkosten hebt, kan er een kwijtscheldings- of compensatieregeling van toepassing zijn. Het eigen risico is bedoeld om mensen twee keer te laten nadenken over onnodige zorgvraag, maar niet om de armste mensen zorg te ontzeggen (hierover in een latere blogpost veel meer). Ondanks het bestaan van het eigen risico, hebben we in Nederland veruit de laagste out of pocket-zorgkosten - met andere woorden: de verzekering betaalt alsnog zo goed als alles.

Goed, je ontvangt nu je zorg. Hoe betaal je? Dit hangt af van het soort zorgverzekering dat je hebt. Als je een restitutiepolis hebt, heb je volledig vrije keuze in waar je je zorg vandaan krijgt, en moet je die ook zelf betalen. Vervolgens stuur je de rekening op naar je verzekeraar, die je weer terugbetaalt. Voor doorlopende of erg dure zorg gaat dit declaratieproces meestal digitaal en hoef je het zelf niet voor te schieten.

http://www.zorgwijzer.nl/wp-content/uploads/Vergelijking-zorgpremies-grote4-2017-1.jpg

Bij een naturapolis hoef je zelf niets voor te schieten en betaalt je verzekeraar alles achter de schermen. Echter, de verzekeraar kan dit alleen doen met zorgverleners waarmee het een contract heeft - je bent dus beperkt in de plekken waar je zorg kunt betrekken. Ga je ergens anders heen, dan word je nog steeds behandeld, maar moet je een deel van de rekening (maximaal ca. 1/3e van het totaalbedrag) zelf betalen. Doordat verzekeraars met deze contracten vaak betere prijzen kunnen onderhandelen, zijn naturapolissen iets goedkoper dan restitutiepolissen.

Er zijn ook budgetpolissen. Hierbij heeft de verzekeraar vaak voor ieder soort zorg alleen een contract met de goedkoopste aanbieder. Soms kun je dus niet voor alle soorten zorg bij hetzelfde ziekenhuis terecht.

OK, dat is hoe het voor mij werkt. Hoe werkt het achter de schermen?
Als je je écht diep gaat inlezen over het Nederlandse zorgsysteem - en geloof me, ik heb hier veel te veel tijd in gestoken - kom je steeds meer tot de conclusie dat ons systeem ergens een basis heeft, maar die basis zit diep begraven onder een berg van ‘pleistermaatregelen’. Kleine aanpassingen, regels, toevoegingen. Iedere regel ontworpen om één specifiek probleem op te lossen.

Dit is aan de ene kant op te vatten als bureaucratie, maar stiekem is het best een positieve instelling; in plaats van het hele systeem op de schop te gooien als er iets mis is, nemen zowel de minister als ambtenaren vaak de vrijheid om individuele problemen snel en doelmatig te fiksen. Ja, dit zorgt soms voor extra bureaucratie en regeldruk, maar het systeem wordt (doorgaans) zo ingericht dat we er allemaal uiteindelijk op vooruit gaan, voornamelijk omdat de overgrote meerderheid van regels nooit op jou betrekking hebben. Je kunt nieuwe regels, ‘nieuwe bureaucratie’, dus vaak negeren.

En dit gaat verder; nieuwe en bestaande regels worden bijna altijd opgezet voor specifieke regelniveaus van ons zorgsysteem. Ziekenhuizen hebben met andere delen van de wet te doen dan gewone burgers, maar ook binnen ziekenhuizen zijn de verantwoordelijkheden, rechten en plichten verdeeld over verschillende managementniveaus. Grappig genoeg leidt dit ertoe dat in veel gevallen de professionals - mensen die het echte zorgwerk doen - relatief zelfregulerend zijn. Sterker nog, een deel van zorghervormingen komt in feite op initiatief van artsen en verplegers.

Zijstapje - ik wil je wijzen op een paar geweldige publicaties door Hester van de Bovenkamp over dit concept van Institutional Layering in de zorg. In het algemeen kan ik publicaties van iBMG aanraden (de zorgmanagement-leerstoel op de Erasmus Universiteit). Ze zijn een belangrijke pilaar van de Nederlandse zorg. Het gelinkte paper bevat zulke parels als:

Incremental change can count on growing attention of Public Administration scholars
working in the field of institutional theory. This strand of literature argues that
institutions are not static and do not only change through exogenous shocks as 
punctuated equilibrium theory proposes, but incrementally change and evolve 
due to both exogenous and endogenous sources of change


Veel harder kan ik niet klaarkomen.

Meten, meten, meten, meten, meten
Een ontzettend belangrijke reden dát we deze cultuur van layering en management hebben in de zorg, is omdat dit transparantie idioot veel verbetert. Managementlagen zorgen er namelijk voor dat mensen in feite continu op de vingers worden gekeken. Ieder aspect van de zorg wordt gemeten en doorgegeven naar de laag boven je; deze laag compileert die informatie en geeft het weer naar boven. En zo verder, tot je bij de Minister bent. En iedere laag op zijn beurt wordt boos wanneer z’n ondergeschikten gaten in de data hebben.

En wederom, dit klinkt als een cynische manier van zeggen dat dokters niet toe komen aan zorgen voor hun patiënten omdat ze omkomen in het papierwerk - een klacht die maar al te vaak wordt gehoord.

Het is niet vreemd om te meten en op te schrijven wanneer er iets misgaat, en zaken te proberen te verbeteren. Je wilt immers een gatenkaas vermijden - de situatie waarin een toevallige opeenstapeling van fouten tot een incident kan leiden. Het systeem moet zo ontworpen zijn dat mensen fouten kunnen maken zonder meteen tot slechte zorgresultaten te komen. Echter, alleen het meten van incidenten is niet genoeg.

Je wilt immers niet alleen weten wat er totaal fout is gegaan, maar ook wat er een klein beetje fout is gegaan, of zelfs wat er níet fout is gegaan. Je wilt bijvoorbeeld weten hoeveel lijninfecties er zijn geweest; echter, je wilt ook weten hoeveel infusen er totaal zijn gelegd zodat je weet hoe vaak het misgaat. 10 lijninfecties per 1000 infundaties is een prima score; 10 lijninfecties per 100 is reden voor alarm.

En mijn god, wat een gevécht is het geweest in het begin van deze eeuw om ziekenhuizen en andere zorginstellingen überhaupt netjes te laten bijhouden wat ze doen. Dit is wat men bedoelt met ‘transparantie in de zorg’. Tussen 2006 en nu is hier veel aan gewerkt. Tekenend zijn incidentele grote nieuwsberichten over blunders in de zorg; dit is grootendeels een gevolg van betere transparantie in de zorg. Hoewel deze soms… wat doorschiet.

Ziekenhuizen worden namelijk betaald op basis van hun zorgresultaten. Aan het eind van ieder jaar rekenen zorgverzekeraars uit hoeveel sterftes, infecties, etc. je zou verwachten op basis van het soort patiënten dat het ziekenhuis heeft gehad. Als het ziekenhuis slechter scoort, krijgt-ie minder. Scoort hij beter, geweldig, meer geld! OK, dit is niet echt hoe het werkt (soms krijgen slechter presterende ziekenhuizen juist meer geld om de zorg te verbeteren), maar dit is heel simpel uitgelegd één aspect van de marktwerking in de zorg. Dus, hoe verbeter je als ziekenhuis de kwaliteit van je zorg?

Nou, je kunt je zorgresultaten verbeteren. Of….. je kunt méér opschrijven. Immers; veruit de meeste zorgresultaten zijn neutraal of positief; er gaan niet zoveel mensen dood. Als je meer bijhoudt, worden je statistieken automatisch (ietsjes) beter. Dit heeft geleid tot een ware cijferoorlog, waarbij met name ziekenhuizen en gecombineerde zorgaanbieders (zorgcentra) zoveel mogelijk cijfers proberen te verzamelen en publiceren, om maar zo hoog mogelijk te scoren.

https://www.medischcontact.nl/upload/965d0395-0f02-4bd1-9de3-3f97e74ef25c_image4741465832876134883.jpg

Immers; je kunt de cijfers niet echt veranderen; er zijn vele pleistermaatregelen op z’n plek om ervoor te zorgen dat je niet echt kunt valsspelen. Om beter te scoren zul je, uiteindelijk, beter voor je patiënten moeten zorgen. Met name omdat de criteria voor bepaalde aspecten van de zorg continu worden aangescherpt. Dit zorgt voor een positieve prikkel richting zowel zorgverzekeraars als zorgverleners om te proberen beter zorg te verlenen. En omdat je niet wordt afgerekend op het hebben van ‘ziekere’ klanten, zijn er zelfs speciale zorgverzekeringen voor ouderen en gehandicapten die proberen betere zorg te verlenen door zich te specialiseren op die velden. Dat is exact wat je wil.

Het is niet allemaal rozengeur en maneschijn. De hoop van Minister Hoogervorst was dat we bij het kiezen van onze verzekeraar en zorg naar dit soort kwaliteitsgraadmeters zouden kijken, maar in de praktijk doet niemand dat. Weet jij hoe goed de zorg in jouw ziekenhuis is? Heb je hun accreditaties wel nagekeken? Naar welk ziekenhuis ga je eigenlijk als er iets mis met je is? Mensen kijken vooral naar geld, en niet naar kwaliteit. Een belangrijke les van de eerste paar jaren van ons nieuwe zorgsysteem is dus ook dat de overheid deze taak moet overnemen en zorginstellingen moet pushen de kwaliteit te verbeteren. Zorgconsumenten - de gewone mensen - doen dat niet voldoende. Niet omdat ze slechte zorg prima vinden, maar omdat het ze lang niet zoveel boeit als wat ze betalen.

En dat leidt soms tot incidentenbeleid. Kort gezegd: een medische blunder wordt breed uitgemeten in de media, het parlement eist dat de minister hier iets aan doet en like a wrecking ball raast de minister dan door de layercake heen om iedereen te vertellen hoe het van nu af aan moet gebeuren. Tot grote frustratie van zorgmanagers die juist bezig waren op systematische manier de zorg te verbeteren. Dit wordt ook wel ‘top-down disruption’ genoemd: het in de war gooien van het systeem van bovenaf, vaak vanwege een incident. De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) is maar al te vaak aan de ontvangende kant van dit soort onregelmatigheden.

Kwaliteit en kosten van de zorg

Op dit punt kom ik erachter dat ik al 6 kantjes verder ben en nog niet 10% van ons zorgsysteem heb uitgelegd. Het is hoog tijd om het eens over de resultaten van al deze layering, marktwerking en kwaliteitsmonitoring te hebben. Spoiler: ‘t is allemaal best oké, en wordt steeds beter.

http://www.mollema-pensioenconsultancy.nl/wp-content/uploads/2011/11/Bevolking-Nederland-1950-2009.jpg

Allereerst is het ontzettend belangrijk om de grootste kostenpost in onze zorg te benadrukken, en het kan echt geen kwaad om dit continu in je achterhoofd te houden: we leven in een periode van extreme vergrijzing, met ieder jaar 4-6% méér zorgvraag. Dus, wat voor impact heeft dit op de kosten?

http://www.rtlz.nl/sites/default/files/content/images/2016/06/18/08_Zorg_def_render.png?itok=8-P7jCzC

Ik heb lang zitten rondzoeken naar een grafiek die het beste laat zien wat er is gebeurd over een lange periode. Wat je hier ziet zijn onze zorgkosten als aandeel van het bruto nationaal product. Je ziet rond 2006 een scherpe stijging van onze zorgkosten van ca. 8 naar 10% van het BNP. Dat was de invoering van de het nieuwe verzekeringsstelsel, en daardoor het afnemen van het aantal onverzekerden van ca. 1 miljoen in 2000 naar 29.000 nu. Helaas was ook duidelijk dat in eerste instantie de nieuwe verzekering níet goed was in het beperken van zorgkosten. De vergrijzing begon ook net, waardoor allerlei dingen zijn uitgeprobeerd om met name ouderenzorg goedkoper te maken (van boter-bij-de-vis-beleid naar PGB en WMO). Dit leidde ertoe dat we rond 2010-11 het op één na duurste zorgstelsel ter wereld hadden. Maar wat gebeurde er toen? Jawel, kostenbeheersing - een metric butt-ton aan maatregelen zijn uitgeprobeerd. Meer transparantie, betere inzage in kostenontwikkeling, besparingsmaatregelen aan alle kanten. En dit heeft resultaat gehad; onze zorgkosten zijn nominaal (in euro’s) nog wel een heel klein beetje aan het stijgen, maar veel minder dan inflatie en economische groei. Naar verwachting streven een flink aantal landen ons de komende paar jaar voorbij qua zorgkosten, en zijn we hopelijk in de jaren ‘20 niet meer in de top-5 duurste zorglanden.

http://docplayer.nl/docs-images/25/4893983/images/19-0.png
Nederland zo ongeveer op z'n duurst, vergeleken met andere landen

Pfoe, hoop geld, krijgen we daar ook een beetje redelijke zorg voor? Heel kort gezegd: dit is ontzettend moeilijk te meten, maar het lijkt er wel op. Landen onderling vergelijken is geen doen, omdat ieder land andere metrieken gebruikt. Daarnaast zijn een hoop metrieken gebaseerd op de lange termijn; levensverwachting, risico en uitkomst van de top-5 ziekten, etc. Dus, heel ruwweg, hoe vaart Nederland er internationaal bij?

In vrijwel alle populatiebrede metrieken zoals levensverwachting, medische fouten, eigenlijk alles wat je kunt bedenken scoren we consistent in de top-10. We scoren doorgaans in de top-3 als het gaat om toegang tot de zorg en effectieve zorg. Maar het is ontzettend moeilijk om veel van deze zaken los te zien van andere hoeken van de samenleving, en veel zaken (zoals de invoering van ons nieuwe zorgstelsel) hebben nog lang niet hun volledige vruchten afgeworpen. Pas sinds heel kort zijn wij - en een aantal andere landen - überhaupt bezig met het meten van zaken zoals ervaren zorgkwaliteit (met de CQ-index). Maar de rapporten die dit meenemen, zijn het er allemaal over eens dat de Nederlandse zorg echt heel goed is.

Conclusie

Deze blogs gaan uiteindelijk over de verkiezingen. Waarom ga ik zo vreselijk in detail over ons zorgsysteem? Nou, laten we wel wezen: 10% van ons BNP gaat naar de zorg, en nog eens bijna 10% gaat in aanverwante zaken zoals onze farmaceutische industrie, medische bedrijven en verzekeringen, alsmede onbetaalde zorg (bijv. mantelzorg). Zorg is niet alleen een fundamenteel recht van iedere Nederlander, het heeft ook een grote impact op iedereen.

Daarom is het belangrijk om in ieder geval een half idee te hebben van hoe het hier werkt, en hoe groot de verschillen zijn met andere systemen. Ik word soms erg treurig van politici (en familieleden...) die van mening zijn dat het hele systeem op de schop moet; dit is wat mij betreft de compleet verkeerde instelling. Niet dat ik het oneens ben met elementen van de kritiek op ons stelsel, maar 'het roer moet om'?

Heb je nog niet genoeg gelezen over de zorg? Wil je weten wat er allemaal aan de gang is? Dan zou ik sterk aanraden Skipr (zorgmanagement) en Medisch Contact (zorguitvoerders) in je favorieten te zetten. Heb je vragen, opmerkingen of epistels over de zorg? Ik heb ontzettend veel kennissen en familieleden in alle hoeken van zorg, van management tot verpleging tot artsen tot specialisten. En ik ga ze interviewen. Schrijf een reactie met jouw vraag!

Brexit, Trump en de Nederlandse verkiezingen

Door mux op donderdag 10 november 2016 09:30 - Reacties (50)
Categorie: Verkiezingen 2017, Views: 3.374

Ik zit in het midden van het schrijven van blogs over ons zorgstelsel en infrastructuur, maar met het oog op de recente verkiezingsuitslag in de Verenigde Staten wil ik een paar woorden besteden aan Trump, Brexit en wat dit soort trends doen voor Nederland

We zijn hier bekend met populisme

Uiteraard willen we als Nederlanders allemaal graag denken dat Nederland een topland is met hoogopgeleide, tolerante mensen en dat we een samenleving hebben die niemand laat vallen. Dit is in heel erg grote mate waar; we scoren eigenlijk op iedere ranglijst heel erg hoog, vaak top-3 of top-5. Maar dit betekent lang niet wat sommige mensen willen dat het betekent; dat het hier een rijke utopie is met alleen maar zorgzame, tolerante mensen. Er zijn heel veel mensen met ongenuanceerde (soms correcte, soms incorrecte) ideeën en weinig verbaal tact in het uitspreken van die ideeën. Dit is waarom Pim Fortuyn en Geert Wilders bestaan, maar ook eerdere politici zoals Hans Janmaat, aardig wat voet aan de grond krijgen. Deze populistische partijen werken door in te spelen op gevoelsargumenten en tribalisme; kijk uit voor de vreemdelingen! Ondanks dat deze vreemdelingen doorgaans statistisch weinig relevant zijn en de problematiek eromheen zelden te maken heeft met hun vreemdelingheid.

Kort gezegd; populisme is mainstream in Nederland. En laten we eerlijk zijn: in een democratie is het belangrijk dat iedereen een gelijke stem heeft. Als de helft van de bevolking overweldigend aansluiting vindt bij een populistische partij, dan zie ik geen enkele reden om dit soort partijen te weren of tegen te werken. Dit is hoe een democratie hoort te werken. Echter, democratieën werken ook op een tweede manier: wanneer we eenmaal een partij in de regering hebben, hebben wij als volk het recht om de prestaties van de partij te beoordelen op hun effectiviteit. Dit doen wij wederom via representativiteit, doordat partijen steun of oppositie geven aan de hand van hun achterban en partijbeloftes. Doordat we in Nederland een zeer representatief parlementair systeem hebben, moet er bovendien voor alles een coalitie of ad-hocverband gezocht worden om wetten en regelgeving door te voeren. Er moet dus altijd gepolderd worden, wat betekent dat in theorie de wil van een meerderheid van de mensen altijd wordt gerespecteerd.

Het VK en de VS zijn niet Nederland
In zekere zin ben ik van mening dat zowel het VK als de VS niet gewend zijn aan populisme, en daardoor het effect hiervan grof hebben onderschat. Dit is uiteraard een wat extreme manier om deze mening op te schrijven. Ik bedoel; de VS is ten opzichte van Nederland van zichzelf al ontzettend populistisch, hoe kun je dan zeggen dat ze er niet aan gewend zijn? Nou, de VS is gewend aan een zekere House of Cards-politiek: Het politieke systeem is gebouwd op archaïsche regels en stemwetgeving die ervoor zorgt dat het zo moeilijk mogelijk is voor outsiders om in het systeem te komen. En iedereen die in het systeem zit, is zo afhankelijk van de gunsten van collega's en zo bang voor politieke vijanden dat ze allemaal het spelletje spelen. Het Verenigd Koninkrijk werkt in zekere zin ook op die manier; hoewel daar een (soort-van) representatief parlement zit, is het politieke systeem (mede door FPTP stemsystemen en gerrymandering) ingericht op een politiek kaartenhuis.

En dezelfde redenen die het mogelijk maken dat je met 22% van de stemmen president kan worden in de VS, maakt dat een onverwacht effectieve populist opeens alles overhoop kan gooien. Idem in het VK. Dit maakt populisme véél destructiever in deze landen.

Nederlandse issues zijn totaal anders dan Brexit of Trump

Maar hier wil ik het niet eens over hebben. Alles hierboven is alleen maar om aan te tonen dat populisme overal is. En dat het populair is. Ik ben kritisch over de merites van populisme. Wat mij betreft is populisme meestal véél te ongenuanceerd, waardoor het belangrijke details kan missen. Je kunt niet zomaar de belastingen versimpelen zonder honderden pleistermaatregelen die zijn ingevoerd over decennia stuk te maken. Je kunt niet zomaar uit de EU stappen en verwachten dat alles doorgaat zoals het ging. Dit zijn dingen die makkelijk gezegd worden, maar alleen als je geen flauw idee hebt van de redenen waarom het zo complex is.

Het punt dat ik in deze blogpost wil maken is dat ik bang ben dat buitenlandse problemen zonder goede redenen op Nederland worden betrokken. Nederlanders zijn - als piepklein kikkerlandje - altijd al sterk oververtegenwoordigd geweest op het internet en in de consumptie van buitenlandse media. We zijn ons goed bewust van wat er bij onze buren aan toe gaat - dichtbij en aan de andere kant van de oceaan. Maar soms betekent dat ook dat we denken dat problemen die elders bestaan, hier net zo erg zijn.

Ohjee, moslimterrorisme is hier... oh wacht, nee, we hebben eigenlijk geen enkel serieus probleem met moslimterroristen - of welke terroristen dan ook - gehad in de laatste paar jaren. Er zijn relatief kleine incidenten geweest, er zijn mooie gevoelsverhalen geweest, maar statistisch doet het allemaal geen zak. Het geld dat we netto kwijt zijn aan huisvesting van vluchtelingen uit Syrië (en laten we eerlijk zijn: de rest van de wereld :P) is peanuts op onze begroting, en zelfs wanneer ze niet repatriëren zijn dit op lange termijn waarschijnlijk netto productieve mensen in onze samenleving. We leven niet in België. Sorry, Belgen.

Ons zorgsysteem is duur maar goed, geen wachtlijsten, onlangs hebben zelfs dak- en thuislozen een zorgverzekering gekregen. We leven niet in de VS.

De economie gaat nog OK, werkloosheid lijkt nog steeds te dalen en koopkracht is weer wat aan het aantrekken. We leven niet in Baltimore.

Toch zie ik dat ontzettend veel mensen zich zorgen lijken te maken voor buitenlandse problemen... in Nederland. Alsof de wereldproblematiek automatisch proportioneel hier ook van toepassing is. Hoezeer ik ook wil denken dat alle mensen fundamenteel gelijkwaardig zijn: landen, instituten en systemen zijn níet gelijkwaardig. Hier heersen andere issues dan elders.

Conclusie

Ik hoop heel erg dat onze verkiezingen in begin 2017 niet worden gegrepen door misleid populisme. Nogmaals; ik ben niet anti-populistische partijen, ik vind dat representatieve democratieën ook lelijke of ineffectieve ideeën moeten vertegenwoordigen als deze populair zijn. De problemen beginnen als populistische partijen ideeën vooruitschuiven die feitelijk onjuist zijn of geen betrekking hebben op het hier en nu - of in ieder geval op een redelijke tijdsschaal.

Er wordt zowel in het VK als de VS gesproken over 'post-truth politics'. Politiek die helemaal op de onderbuik is gericht, zonder feiten of waarheid. Dit is een probleem dat ook hier heerst. Laten we hiervoor waken.

[video] E-bike teardown + batterij-puntlasser update

Door mux op maandag 17 oktober 2016 21:55 - Reacties (12)
Categorie: Videos (PowerElectronicsBlog), Views: 2.464

Hé, twee video's op één dag! Gezien het wel érg schort aan video's de laatste tijd dacht ik dat het long overdue was om weer aan de slag te gaan. Eigenlijk was m'n bedoeling om na m'n vakantie direct aan de slag te gaan met een 24V voeding-massatest, maar om technische redenen komt dit er maar niet van. Dat is echter geen goede reden om helemaal geen video's meer te maken.

Vandaag bekijken we mijn nieuwe e-bike (die ik voor ¤90 van Marktplaats heb gevist) en heb ik een update over de Sunkko 788H battery tab welder, namelijk: ik heb-'m gefikst! Ik kan nu batterijpacks bouwen!